Een fopspeen, speen of tut is voor veel ouders een vertrouwd hulpmiddel. Sommige baby’s zoeken er direct naar, andere hebben er minder behoefte aan. Toch komen de vragen vaak vanzelf: wanneer begin je met een fopspeen, is het verstandig om er één te gebruiken en welke speen past bij jouw baby?
Door te begrijpen hoe een fopspeen werkt en welke keuzes er zijn, wordt het makkelijker om iets te kiezen dat echt past bij jouw kind.
Wanneer mag een baby een fopspeen?
Een baby mag in principe vanaf de geboorte een fopspeen gebruiken. Wel wordt vaak aangeraden om bij borstvoeding even te wachten tot het voeden goed op gang is, meestal na een paar weken. Zo voorkom je dat het drinken en zuigen door elkaar gaan lopen.
Daarna kan een fopspeen juist helpen om rust te brengen. Veel baby’s hebben een natuurlijke zuigbehoefte, ook wanneer ze geen honger hebben. Een speen kan dan ondersteunen bij ontspanning, bijvoorbeeld bij het in slaap vallen.
Waarom een fopspeen?
Zuigen heeft een kalmerend effect. Dat merk je vaak meteen: een baby wordt rustiger, valt makkelijker in slaap of kan zich beter afsluiten van prikkels.
Een fopspeen kan daarom prettig zijn op momenten van onrust of vermoeidheid. Tegelijkertijd is het goed om te blijven kijken naar wat je baby nodig heeft. Niet elk signaal vraagt om een speen, soms is er behoefte aan voeding, nabijheid of rust.
Fopspeen goed of slecht?
Een fopspeen is niet per definitie goed of slecht. Het gaat vooral om hoe je deze gebruikt.
In de eerste periode kan een fopspeen helpen bij het reguleren van spanning en slaap. Bij langdurig en veelvuldig gebruik, vooral op latere leeftijd, kan het invloed hebben op het gebit of de spraakontwikkeling.
Daarom helpt het om een fopspeen bewust te gebruiken, bijvoorbeeld rondom slaapmomenten, en op termijn weer af te bouwen.
Welke speen is het beste voor een baby?
Niet elke fopspeen is hetzelfde. De vorm, het materiaal en hoe een speen aanvoelt, maken verschil in hoe een baby erop reageert.
Binnen het assortiment van Happy Kids Boutique zie je verschillende soorten terug. Zo is er de Dr. Brown’s HappyPaci Silicone fopspeen, die qua vorm identiek is aan de speen van de Dr. Brown’s flessen. Dat maakt deze fopspeen herkenbaar voor baby’s die gewend zijn om uit een fles te drinken, waardoor het wisselen tussen fles en speen vaak soepel verloopt.
Daarnaast zijn er symmetrische fopspenen, zoals de Dr. Brown’s symmetrische fopspeen. Deze hebben een vorm die altijd goed in het mondje ligt, ongeacht hoe je baby de speen in de mond neemt. Dat zorgt voor een gelijkmatige drukverdeling en wordt vaak als prettig ervaren.
Naast deze vormen zijn er ook fopspenen met een zachtere, meer klassieke vorm, zoals de J BIMBI 2 Glee fopspeen. Deze sluiten goed aan bij jonge baby’s en zijn beschikbaar in verschillende maten, waardoor ze meegroeien met de ontwikkeling van je kind.
Welke speen het beste is, verschilt per baby. Sommige baby’s hebben een duidelijke voorkeur voor een bepaalde vorm, terwijl andere makkelijker wisselen. Het helpt om te kijken waar jouw baby goed op reageert en wat goed blijft zitten tijdens het zuigen.
Welke maat fopspeen past bij de leeftijd?
Naast de vorm speelt ook de maat van de fopspeen een belangrijke rol. Die hangt samen met de leeftijd en ontwikkeling van je baby.
In de eerste maanden kies je voor een kleinere maat, zoals de J BIMBI 2 Glee fopspeen 0–2 maanden of de HappyPaci 0–6 maanden. Deze zijn afgestemd op het kleine mondje en de zuigkracht van jonge baby’s.
Wanneer je baby groeit, verandert dat. Rond 2 tot 6 maanden kun je overstappen naar een iets grotere speen, zoals de J BIMBI 2 Glee fopspeen 2–6 maanden.
Vanaf ongeveer 6 maanden past een grotere maat beter, zoals de J BIMBI 2 Glee fopspeen 6+ maanden of een fase 2 speen. Deze sluit beter aan bij de sterkere zuigkracht en de groei van het mondje.
Door mee te groeien in maat, blijft de fopspeen comfortabel en passend.
Fopspeen en het gebit
Het effect van een fopspeen op het gebit hangt vooral samen met hoe lang en hoe intensief deze gebruikt wordt.
In de eerste levensfase is dat meestal geen probleem. Wel is het verstandig om het gebruik op latere leeftijd geleidelijk af te bouwen. Zo voorkom je dat het invloed krijgt op de stand van tanden en kiezen.
Wat past bij jouw baby?
Een fopspeen is geen vaste keuze die voor iedereen hetzelfde werkt.
Sommige baby’s hebben duidelijk een voorkeur voor een bepaalde vorm of maat, andere wisselen makkelijker. Door te kijken naar hoe je baby reageert, merk je vaak vanzelf wat prettig is.
Het helpt om het praktisch te houden. Probeer, kijk wat werkt en pas aan waar nodig. Zo wordt de fopspeen een hulpmiddel dat aansluit bij jullie ritme, in plaats van iets waar je aan vastzit.
